Afslag gemist

‘Hee! Ik wil eruit!’

Rustig zit ik voor me uit te staren, helemaal voorin, direct achter de bestuurder. Op weg naar huis met de tram. Links glijdt de hofvijver voorbij. Het is rustig, weinig passagiers op dit tijdstip. Geen gedrang, geen massa op mijn lip. Aan het andere eind van het gangpad zit een vrouw. Een wat oudere dame, met keurig gekapt grijs bolletje. Hoe Haags kun je zijn, schiet door me heen.
Tingelend buigt onze tram af, knarsend door de bocht langs de Gevangenpoort. Je denkt toch altijd even aan die sneue gebroeders De Witt die op deze plek zo jammerlijk aan hun eind kwamen, te midden van een kolkende menigte. Geen menigte te bekennen nu, bedenk ik grinnikend. Veel te koud vandaag met die ijskoude noordooster. Zo mijmer ik verder een beetje voor me uit, tot ik ineens wakkergeschud word.

‘Hee! Ik moet er hier eerst uit hoor!’
Verbaasd ben ik teruggerukt uit de 17e eeuw van de gebroeders De Witt naar het nu. De Haagse dame staat bij de deur. ’Wat is dit voor onzin!’ roept ze. Boos trommelt ze nog een keer op de ruitje van de trambestuurder. ‘Geen contact met bestuurder. Geen kaartverkoop’ kan iedereen lezen op de sticker. De man reageert dus ook niet, waarom ik toch weer stiekem gniffel.

‘Hee! Je gaat verkeerd! Dit is tram 15!’
Ze heeft wel een punt, ergens. Met een vrolijke zwaai is onze tram plotseling van zijn route afgeweken. Ineens rijden we door straten waar we met deze lijn helemaal niet horen te komen. Verhit zoekt de Haagse dame contact met medepassagiers. ‘Dit is toch 15?’ schreeuwt ze. ‘Ik moet eruit!! Dit is…  dit is….!’ Ze heeft er geen woorden voor, voor wat dit eigenlijk is.

‘Ja, inderdaad,’ hoor ik mompelen. Een andere passagier valt haar bij, zij het met een stuk minder volume. ‘Hij rijdt verkeerd…..’
‘Hij rijdt gewoon dóór! Dit kán toch niet?!?’ krijst de dame, ‘Hoe is het mógelijk dat dit gebeurt!’
Haar keurig gekapte bolletje schudt heen en weer als ze met haar vuistje losgaat op het ruitje dat haar scheidt van de bestuurder, die haar nog steeds negeert.
Gniffel.
Wel zie ik dat hij via zijn radio contact zoekt met de HTM. Er moet iets aan de hand zijn. Tenzij we nu in een film zitten, waar een tram met al zijn passagiers (vier?) gekaapt wordt, lijkt het mij meer een wisselstoring. Het knopje, of zendertje, of wat het dan ook is dat de wissels in beweging brengt, deed het niet. Denk ik. Misschien gaat de tram nu met een rondje weer terug naar de eigen route.
De dame echter is overtuigd van opzet. ’Hier. Moet je kijken! Hij stopt niet eens! Is hij gek geworden of zo?’
Woedend kijkt ze om zich heen, zoekend naar meer bijval, die er niet komt. Gelaten halen mensen hun schouders een beetje op. Ik niet, ik moet stilletjes lachen.

Verd&&&&#$…!!’ komt er vervolgens uit het fijne Haagse mondje. ‘Kan ik er nou eens uit? HEE!!!
De tram komt tot stilstand bij een halte ergens aan de andere kant van het centrum. Woest timmert de dame op de knop die de deur moet openen. Als die tergend langzaam openglijdt, wurmt ze zich er al doorheen, naar buiten. Veilig. Maar niet zonder het uiten van dreigementen, de vuist opgeheven. ‘Gèk ben je geworden!  Hoe haal je het in je hoofd!’
Hoe Haags kun je zijn….?

Dan klinkt de rustige stem van de bestuurder door de intercom. ‘Wegens een defect aan het voertuig mag ik niet verder rijden. Ik verzoek u om hier allemaal uit te stappen. Sorry…..!’
Heel rustig pakt de rest van de passagiers hun tassen om de tram te verlaten. Schouderophalend.

Op mijn gemak wandel ik terug naar de Vijverberg. Daar zal de volgende tram zeker wel komen.

(Visited 33 times, 1 visits today)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *