Broer

In zijn nopjes wrijft hij in zijn handen. ‘Ha. Een half jaar! Wat een rust!’ Zijn ogen stralen. ‘Mag ik dan ook zijn kamer erbij? Voor een inkoopkoelkast?’Niet dat hij een echt antwoord verwacht, mijn jongste.
Het rijk alleen. Voor bepaalde tijd, dat wel. Zijn broer vertrekt naar Australië, voor een half jaar. Ten tweeden male.
Maar toch. Een half jaar is best een tijd. Eigenlijk een jaar. Die paar weken dat oudste terug was deze zomer, kun je verwaarlozen. Voordat we met de ogen konden knipperen, was hij alweer vertrokken, wegens wijziging in de plannen.
‘Niks erg hoor,’ roept jongste, als hij alleen thuis is. Zelfs zonder broer. ‘Rust! Ruimte!’ ik kan best alleen hoor,’ klinkt het met bravoure. Want broer is toch meer een meubelstuk, plaatsvervangend huisdier. ‘Broer? Ha. Hij lijkt wel een meisje. Ik heb dus een zus. Heb ik toch niks aan. Wat mij betreft blijft hij daar! Oh nee, ik bedoel zij.’ Guitig kijkt jongste me aan. ‘Maar toch hou ik van mijn broer hoor.’

Maar toch.
‘Best wel stil eigenlijk,’ mompelt hij, na verloop van een paar weken, in een wat zwakker moment. ‘Ergens, toch, wel. Al zeiden we niks tegen elkaar, hij zat dan toch in zijn kamer, met herrie. In de buurt….’
Ik vraag door, nieuwsgierig.
‘Nou, misschien toch wel leuk als hij terugkomt…’
Ik grijns. ‘Ja?’
Zijn antwoord komt fluisterend, in de hoop dat ik het niet hoor. ‘Ik mis hem toch wel een beetje mam….’

Volgende week komt oudste thuis. ‘Ooh jammer! Uit met de rust! Kan hij niet gewoon wegblijven?’ De reactie van jongste was te verwachten.
Weer grijns ik.
‘Nou ja, weet je …’ Ineens serieus kijkt hij me aan. ‘Toch hou ik van mijn broer hoor mam.’ Hij krijg het bijna zijn strot niet uit. ‘Ik zal blij zijn als dat vliegtuig hier veilig en wel weer aan de grond staat….’

(Visited 1 times, 1 visits today)

Geef een reactie