Bubbel

Het zat tussen de weekendbijlage van de krant, het foldertje over Groningen. ‘Er gaat niets boven Groningen’ is de aanprijzing. Een diepe zucht en ik stap erin, in  het stadsplattegrondje op de achterkant, met al die bekende straten en locaties. Even 30 jaar terug in de tijd.

Groningen. Het blijft toch een vreemd fenomeen hoeveel invloed je studietijd blijft hebben op de rest van je leven.  Laat ik voor mezelf spreken, dat geldt in ieder geval voor mij. De dromen die ik had, de loopbaan die ik begon op te bouwen met het vak wat ik leerde, die wortels liggen allemaal in Groningen.  En sinds ik daar weg ben, hoeft er maar heel weinig te gebeuren om een soort heimwee op te roepen, heimwee naar die bubbel die mijn wereld vormde in die jaren.

De bubbel van de muziek, het 24 uur per dag bezig zijn om jezelf te perfectioneren op je instrument, muziek en niets anders. Ik beleefde hoge pieken en diepe dalen, eerste liefde en rivaliteit, vriendschap en achterbaksheid, het is er allemaal gebeurd en intussen leerde ik een vak, een ambacht.

Dit centrum van mijn leven bevond zich in Groningen en buiten de bubbel bestond niets. Met oogkleppen ging ik door het leven, net als de meeste muziekstudenten trouwens. Het besef dat er buiten die bubbel óók nog wat was, de rest van de wereld namelijk – de echte – kwam pas veel later. Toen had ik de bubbel inmiddels verlaten.

Het verlangen om terug te gaan is best groot. Terug in de tijd kan niet, alleen terug naar de plek. Maar ja, we kunnen natuurlijk wel weer in de stad gaan wonen, waar de herinneringen aan vervlogen tijden liggen, maar dat zou nooit meer hetzelfde zijn, want het ís er niet meer. Het leven is gewoon doorgegaan,  ieder is uitgevlogen en wat er rest, is de stad zelf. Het decor van die periode uit mijn leven, de plekken waar het zich heeft afgespeeld.

De bubbel is dicht en ik sta er nu buiten. Terugkeer is onmogelijk. Wat blijft is wat weemoed, verlangen en herinneringen.

Geef een reactie