Een kille rilling – Bernard Minier

Het eerste boek van deze schrijver dat ik las, is het derde deel uit de reeks met Servaz. Was dat ‘Kille rilling’ geweest, dan had ik mogelijk verder niets meer van Minier opgezocht. ‘Verduistering‘ vind ik verreweg het beste.

Dat wil niet zeggen dat dit niet de moeite waard is. Minier houdt de vaart er goed in, de ontwikkelingen volgen elkaar in hoog tempo op en dat houdt de spanning er behoorlijk in. Ondanks dat vind ik dat zijn stijl het nèt niet is. Hier *en daar lijkt het of hij zelf niet weet hoe iets verteld moet worden. Daardoor looopt het minder vloeiend, komen de pogingen wel eens een beetje knullig over.

De titel ‘Kille rilling’ loopt als rode draad door het boek en die vind ik goed gekozen. Maar Minier benoemt de rilling wel heel erg vaak, en dat wekt op den duur irritatie. Desondanksliepen ze ook steeds over mijn rug. Het verhaal is gewoon even spannend als bizar.

Een kille rilling

Een bergdorp in de Pyreneeën. Op weg naar hun werk vinden werknemers van een waterkrachtcentrale een bevroren, onthoofd paard. Politiecommandant Servaz wordt meteen op de zaak gezet. Waarom is het paard op tweeduizend meter hoogte vermoord? Is de gruwelijke verminking van het dier een waarschuwing? Wraak? En waar is het hoofd?

Als Servaz op het kadaver DNA vindt van Julian Hirtmann, een van de gevaarlijkste seriemoordenaars van Europa, roept hij de hulp in van de jonge psycholoog Diane Berg. Zij werkt in de gesloten psychiatrische inrichting waar Hirtmann vastzit. Een reeks onverklaarbare moorden volgt, waarbij al het bfewijsmateriaal in Hirtmanns richting wijst. Maar hij zit opgesloten in de zwaarst beveiligde instelling ter wereld. Kan hij wel iets met de moorden te maken hebben?

Prachtige beschrijving van het woeste imponerende landschap, de Pyreneeen, waar altijd een zekere mystiek omheen hangt, tevens het gebied waar Minier geboren en getogen is. Hij kent het dus als zijn broekzak en dat merk je aan de intensiteit van zijn beschrijvingen. Onherbergzaam in de winter, ontoegankelijk bijna. En precies daar is de plaats delict…

De muziek van Mahler speelt een grote rol. Minier weet daar veel van, dat is ook duidelijk. Hij zal er zelf ook een groot liefhebber van zijn, net als Martin Servaz. Dat de ijzingwekkende seriemoordenaar Julien Hirtmann deze passie deelt,is griezelig. Het maakt hem ergens dan toch een beetje menselijk..

Diane’s stuk loopt er aanvankelijk doorheen, de twee lijnen komen pas aan het het einde samen. De opmerking op de achterflap van het boek – dat Servaz haar hulp in zou roepen – klopt helemaal niet.

Er klopt meer niet als het om Diane gaat. Ze lijkt anders dan zij als meisje geïntroduceerd werd, namelijk wild en tegendraads. Nu is ze eenrustige psychologe die helemaal in de war raakt, zelfs bangig en onzeker is, over waar ze terechtgekomen is.

Servaz wordt neergezet als gevoelig politieman, strijdend tegen de meest afschuwelijke misdaden. Maar ook hier slaat Minier net teveel door. Ik vraag me zelfs af of Servaz wel geschikt is voor zijn werk, als hij steeds maar met trillende handen staat, brokken in zijn keel krijgt en snel in paniek raakt. Op mij komt dit een beetje ongeloofwaardig over.

Kortom, een boek met een goed verhaal en een bizar plot, dat niet heel goed geschreven is, maar ondanks dat wel blijft boeien. De ontknoping duurt te lang, de epiloog ook. En laat hem voortaan de haakje weglaten, die hij regelmatig toevoegt bij tussenzinnetjes. Volstrekt overbodig, zelfs irritant! 

[Yasr_overall_rating]

Xander uitgevers, 2016

528 pagina’s

 

 

(Visited 12 times)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *