Kassa

Het is een laatste-moment-besluit. Nog even gauw de supermarkt in voor een boodschapje, voordat ik terugwandel naar mijn werk. Gaat nog net qua tijd, dus ik sjees met mijn boodschap naar de kassa met het kortste rijtje. Of eigenlijk de kassa waar klanten staan die ook slechts één of twee dingen hebben, net als ik, en niet die waar één mens staat die een hele kar op de band uitstort. Slim ben ik. De caissiere helpt net een meisje weg; nog één man en dan ben ik aan de beurt. Mooi.

Toch lijkt er een stagnatie te ontstaan. Ik rek mij nek om te zien wat het probleem is. Het meisje staat met een tweeliterfles zonnebloem olie een beetje te schutteren. ‘Excuse me?’ De eerste diepe zucht ontsnapt me al. Het zal toch niet. Engelssprekend en ze begrijpt iets niet. ‘For cooking?’ vraagt ze, wijzend op de fles die al gescand wordt. ‘Baking?’
Ik zie de kassamedewerkster verschrikt opkijken, waarschijnlijk verwacht ze niet dat ze inhoudelijk advies moet geven.
‘Eh nou… olie, ja toch?’ brengt ze benauwd uit. Ze houdt de fles nog even vast, klaar om hem weer in te nemen. Het meisje staart haar aan.

En dan bemoeit de man vóór mij zich ermee. ‘No! Not for cooking!’ dreunt hij. ‘No baking!’
Ik sta paf, stil achter hem in de rij. Hoezo niet? Ik bak zo vaak in zonnebloemolie. Maar ik meng me er niet in. Ik pas mijn persoonlijke strategie bij vergaderingen toe: mijn mond houden, want anders duurt het allemaal nóg langer.
‘No cooking? vraagt het meisje zenuwachtig. ‘Baking?’
Ik zucht nogmaals overdreven hard en verplaats mijn gewicht op mijn andere been. Schiet nou toch op. Jullie hebben tijd zat misschien, maar ik niet!
‘Kan niet. Maar what do you want?’ vraagt de man dan. ‘To cook? Gebruik je daar dan geen water voor?’ Wat op zich een logische vraag is.
‘Yes, ik gebruik allebei’, antwoordt het meisje, nog steeds onzeker. ‘Water, oil, both…’ Ik stel me voor hoe haar keuken ontploft bij een sissend mengsel van olie en water.
De kassamedewerkster wil zich ook van haar goede kant laten zien. ‘Je kunt toch wel bakken in deze olie?’ vraagt ze, aan de man.
‘Nee’, brult hij zelfverzekerd, ‘Kan niet. Dit is voor frituur. Niet voor bakken.’
Mijn wenkbrauwen schieten omhoog. Wat een flauwekul. Maar ik zeg niks.

Op dat moment ontsnapt de klant die met één 1 blikje achter mij staat naar een naastgelegen kassa, waar hij gelijk aan de beurt is. Ik besluit dat voorbeeld subiet te volgen, als een gehaaid vrouwspersoon mij nét voor is en een vol mandje op de band van die kassa ploft.
Owwwww! Shit shit.
Grommend snel terug naar eerste kassa, waar de discussie over de olie nog in volle gang is. De kassamedewerkster probeert er wanhopig achter te komen of het meisje de olie nou wel of niet wil, maar ze is er zelf ook nog niet uit. Ik zwaai alvast overduidelijk met mijn vijf euro-briefje, misschien zet dat aan tot wat meer spoed in de afwerking. Helaas helpt het niet.
Als de argumenten in de herhaling gaan en de man bijna briesend volhoudt dat je in olie niet kunt bakken, zie ik mijn kans opnieuw schoon om naar de nu weer verlaten andere kassa te rennen. Precies op dat moment lijkt het meisje haar besluit genomen te hebben, want de man schuift door en is nu aan de beurt.

Maar gelukkig word ik ook gelijk geholpen en als ik met een zucht van opluchting mijn potje in mijn tas doe, vang ik over de kassa’s heen zijn blik op. Met iets van een grijnsje knikken we elkaar toe.

(Visited 13 times)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *