Nostimo

‘Ah, nostimo….’ Een grote glimlach verschijnt op zijn gezicht. ‘Een heel mooi woord, nostimo.’ Liefkozing klinkt door in zijn stem. Intussen gaat hij verder met het stapelen van onze lege borden.
We hebben zojuist weer heerlijk gegeten in een taverna aan de baai en Paul heeft de ober gecomplimenteerd. ‘Itan poli nostimo! Het was erg lekker!’

Het is een warme dag geweest. De taverna zit bijna vol, het zweet loopt de man tappelings langs zijn gezicht. Misschien is hij wel even blij met een kleine pauze, hoe kort ook, bij ons tafeltje. 
Nostimo heeft zijn oorsprong in een oud Grieks woord’. Hij laat de vuile vaat even voor wat het is. ‘Nostos.’ Het is bijna eerbiedig zoals hij het uitspreekt.
‘Nostos. Weet je, nostalgia, ja? Dat ken je? Dat komt daar ook vandaan.’
Ik ben één en al aandacht.
Nostos betekent terugkeer, naar je geboorteland, je vroegste ervaringen, je moeder, grootmoeder…’ Zijn blik dwaalt af. Is hij zelf even terug in de tijd?
Nostalgia,’ vervolgt hij, ‘splits het woord op: nostos dus; en algos, dat betekent droefheid, pijn, lijden… Grieken voelen dit diep!’ De glimlach is terug.
‘Zo leuk als je begrijpt hoe woorden samengesteld zijn, dat maakt het gemakkelijker.’
‘Ja!’ roep ik, want dat doe ik ook, juist met Griekse  woorden. ’Dan onthoud je het ook beter.’
De ober pakt de stapel borden op. ‘Maar ja,’ zegt hij lachend, ‘Grieks is mijn moedertaal, dus voor mij is het niet zo moeilijk, maar voor een buitenlander die het wil leren…’
Hij knikt en loopt weg. 

Misschien was hij blij met de korte onderbreking van zijn werk. Maar deze man houdt van zijn taal. Tijd om dit te delen met anderen neemt hij graag, hoe vol zijn terras ook zit.
Ik hoor nog wat hij over zijn schouder roept. ’Taal is mooi!’

(Visited 66 times)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *