Teen

‘Au!!!’
Mijn hartgrondige uitroep wordt nog gevolgd door een heel rijtje andere krachttermen, terwijl ik plotseling hinkelend door de woonkamer strompel, met mijn ene voet in de lucht.
‘Au!! %#$@!!” 
Ik wil hem vastpakken maar dat is veel te pijnlijk. Het rijtje krachttermen rond ik langzaam af tot ik weer met twee benen op de grond sta. Meer dan dat lukt ook niet. Lopen met deze voet lijkt voorlopig onmogelijk.

In volle vaart heb ik zojuist mijn tenen gestoten tegen het pootje van onze bank. Een heel geniepig, keihard pootje,  dat je niet ziet staan, zo goed is het verstopt onder de bank. Ik probeer of mijn tenen nog kunnen bewegen en dat is gelukkig ook zo, hoe miniem de beweging is. Niet gebroken dus, maar ik heb ook geen krak gehoord. Maar zelfs de kleinste aanraking doet me al tegen het plafond vliegen.
‘Au! Jezus….!’ Een laatste krachtterm ontsnapt me nog. 
Mijn voet wordt al dik, ik kan er inderdaad maar nauwelijks op lopen. Meer dan me strompelend voortbewegen gaat echt niet. Een rondje wandelen tussen de middag? Ho maar, dat gaat niet. Ik doe dat nu maar op de fiets. Traplopen moet wel, zuchtend en steunend hup ik wel op en neer, maar ik lijk wel  85, echt.

Stoot je voet en je komt problemen tegen waar je nooit bij stilstaat (hihi, nu wel, letterlijk). Want ik heb mijn inmiddels blauwgele dikke voet  omzwachteld, ter ondersteuning  en  daarmee loop wel beter, maar helaas. Vooruitkomen gaat nauwelijks als ik eenmaal mijn te strakke schoen aan heb.Langzaamaan kan ik de haard van de kneuzing nauwkeuriger lokaliseren in de middelste tenen. Hoewel het na een weekje iets beter gaat, willen die nog steeds niet mee. Ik mag er ook nog niet aanzitten. Maar mijn voet verdraagt mijn gewicht al iets beter en dus probeer ik weer een wandelingetje. Dat gaat eigenlijk best wel, alhoewel in zeer bedaard tempo.  Maar mijn intolerante tenen besluiten geforceerd te zijn. Dat werd de volgende dag wel duidelijk. Van twee stappen voorwaarts echt weer minstens eentje terug.
Zo strompel ik weer door, met de pest in.  Ik ga er zelfs zuur van kijken.

Met een boog loop ik om alle poten, palen, voorwerpen en hoeken die ik tegenkom op mijn route heen.  Nauwlettend zorg ik ervoor dat niemand zijn voeten op mijn zielige tenen plaatst. Wat ben ik blij als ze eindelijk weer iets minder gevoelig zijn en hun normale proporties weer hebben. Ik kan weer schoenen aan! 

Onvoorstelbaar hoe kleine teentjes grote pijn kunnen veroorzaken. Maar er zijn ergere dingen op de wereld. Nog even en ik ren gewoon weer ongehinderd rond. Bovendien heeft het me ook iets opgeleverd. Ik weet nu waar dat pootje zich precies bevindt, onder die bank. Laat ik nou niet weer mijn tenen stoten.

(Visited 23 times)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *