Wandelend menu

‘Het menu komt zo hoor!’
We zitten in een lommerrijk tuinterras van een restaurant, met de kabbelende zee aan onze voeten. Hartelijk welkom geheten door een ranke Griekse schone, inclusief handdruk –
‘Kalos ierthate! My name is Angelica!’
Dat laat mijn lief niet op zich zitten natuurlijk. ‘Me lène Pavlo!’
‘Ohh bravo!’ Een lieftallige glimlach is zijn beloning. De schone begeleidt ons naar een tafeltje en voorziet ons alvast van een karafje koele witte wijn. Uiteraard met een mandje met brood en olie daarnaast.’Het menu komt zo hoor!’ komt ze na verloop van een minuut of tien melden. Dat lijkt ons een prima plan, want zo langzamerhand lusten we wel wat te eten. Ik kijk haar nog eens vragend aan als ze nog een keer bij ons langsloopt.
‘Ah, ja’, ze wijst naar een collega ergens achter in de tuin. ‘Kijk, híj is het menu….. ogenblikje nog!’
Ohw! Nou, onze verwachtingen zijn hoog gespannen. Nu nog hoger, natuurlijk.
Wij proosten met onze glaasjes wijn – ‘Jiamas!’ – en inderdaad. Ik zie dan Apollo op ons aflopen. Zo heb ik me tenminste altijd Apollo voorgesteld. Een lange, prachtig gebeeldhouwde Griek. hij pakt een stoeltje, schuift dat achterstevoren aan onze tafel aan en stelt zich voor, met een stevige handdruk. ‘Kalispera! I am Nikos!’
Oh, nou ja, niet Apollo dus, maar wat geeft het.
‘Hoe zit het met jullie eetlust?’ vraagt hij vervolgens belangstellend, waarop wij instemmend knikken en aangeven dat die wel behoorlijk is.
‘Goed! En waar hebben jullie zin in? Vis, vlees, of mezes, we hebben vandaag prachtige dorade…’
Afwachtend beoordeelt hij onze reactie.
‘Nou ik lust best graag een vis,’ zeg ik gelijk, heerlijk lijkt me dat.
‘Wacht,’ zegt Apollo dan, mijn schouder aantikkend, ‘ik laat ze even zien, de vissen die ik heb. jullie moeten toch eerst zien wat je eet!’
En weg is hij. Grijnzend nemen we nog een slok en daar is hij alweer. Hij draagt en bord met twee inderdaad mooie vissen voor zich uit. ‘Kijk!’ met zijn vinger duwt hij zachtjes in de flank van de dorade. Heel vers. Zien jullie die nog glinsterende oogjes?’
Het water loopt me nu al in de mond. ‘Ziet er erg goed uit’, zegt Paul vrolijk. ‘Wat mij betreft….’ Hij kijkt mij aan, maar ik zit al te knikken.
‘OK! Wacht, ik breng ze even terug naar de keuken, dat is beter, ben zo terug.’
Ik zie een fijn glimlachje verschijnen rond Pauls mond. Spoedig neemt Apollo weer plaats op zijn stoel. ‘En de appatizers? Waar hebben jullie zin in? We hebben vandaag feta uit de oven, gevulde aubergine, salade natuurlijk ….’ Hij noemt nog wat gerechtigd op zodat het kiezen alleen nog maar moeilijker wordt.
Toch wil ik het weten even, van te voren. ‘Maar wat zijn de prijzen?’ Ik voel me ineens heel Hollands.
‘Ah, natuurlijk!’ roept Apollo en weer een geruststellend klopje op mijn schouder. ‘Logisch dat je dat wilt weten, maar….het zal je meevallen hoor!’
Hij noemt wat prijzen en dan blijkt dat we ook hier voor zo’n achtentwintig euro met z’n tweeën kunnen eten, inclusief wijn en alles. Niet te geloven eigenlijk. Wij laten allerlei lekkers aanrukken en zitten te genieten, hetgeen ook het doel van de vakantie is.

 

Met nog wat handdrukken worden we uren later uitgeleide gedaan. Onder een prachtige sterrenhemel – door de gigantische hoeveelheid sterren zie je nauwelijks de Grote Beer nog! – lopen we terug naar de auto. Wij komen vast nog wel eens terug bij dit wandelend menu.

Geef een reactie