Hondjes

HONDJES

De rij is niet zo heel erg lang. Met een stuk of zes reisgezelschappen voor ons sluiten we blijmoedig achter aan. Het enige jammere is dat er achter de balie nog niemand zit. Maar omdat er allerlei mevrouw-tjes druk heen en weer lopen, heb ik er toch vertrouwen in dat we het vliegtuig wel gaan halen.
Als er voor in onze rij als in de massa komt en de eerste passagiers mogen in-checken, slaak ik een klein zuchtje van verlichting. We zijn in Griekenland, dus veel gaat niet net zo als bij ons op Schiphol. Dit is niet erg, behalve als je aan het eind van de vakantie naar huis moet en liefst het wachten bij de incheckbalie beloond wil zien. Stapje voor stapje schuifelen we mee naar voren en dan er is nog maar één gezelschapje voor ons. Twee dames, die de hele tijd al genoeglijk met elkaar aan het kwebbelen zijn. Ik pak alvast de paspoorten, want nu zijn we weldra aan de beurt. Maar.

‘Kom maar!’ hoor ik, en gealarmeerd kijk ik op. De Nederlandse dame voor ons (natuurlijk Nederlands, want dit vliegtuig gaat naar Amsterdam) wenkt naar een groepje dat ergens buiten de rij in de hal staat. Ik had ze wel gezien; een paar vrouwen met drie kennels, waarin honden zitten.
‘Kijk, adoptiehonden,’ had ik Paul al gewezen, ’Griekse zwerfhondjes die naar Nederland gaan…’ We kennen iemand die dat onlangs ook gedaan heeft. Ik smelt natuurlijk, want niets liever zou ik óók … Okee, deze gedachte besluit ik nu niet af te maken. Maar nu wordt dit groepje gewenkt door de dame net voor ons in de rij. ‘Kom maar! We gaan inchecken!’
O jee. Ik verstijf direct en ik zeg dat ook, zachtjes. ‘O jee….’, want ik voorvoel vertraging. Dit wijkt af en zal dus tijd kosten. Moedeloos kijk ik Paul aan, maar die verblikt of verbloost niet en blijft rustig staan. En dat kan ik dus niet zo goed. Ik wil gewoon rap aan de beurt komen. De andere twee rijen gaan tot mijn frustratie wel gewoon door.

Na drie minuten blijkt dat mijn vrees bewaarheid wordt. De incheckjuffrouw beweegt nerveus heen en weer als de eerste kennel op de bagageband gezet is. Ze bestudeert de papieren, ik zie dat ze haar hoofd schudt en ja hoor, ze staat resoluut op en verdwijnt mèt de stapel papieren naar het kantoortje van de douane. Om daar de volgende twaalf minuten niet meer uit te komen.
En wij wachten. We hangen over onze koffers. Ik zucht, de rij achter ons ook. Paul staat onverstoorbaar naast mij. De andere rijen lopen maar door.
Maar dan komt de juffrouw terug, wapperend met nog meer papieren. Gelukkig, denk ik. We gaan verder. Alleen blijft ze maar nerveus heen en weer drentelen, voert gesprekjes met andere medewerkers en zelfs het Hoofd Baliemedewerkers wordt er bijgeroepen. Niemand lijkt te weten hoe het moet, hondjes inchecken naar Nederland.
Wij wachten. Ik hang van mijn ene been op het andere. Zelfs Paul trekt nu een gezicht. Ik wil niet meer kijken naar de andere rijen. Daar achteraan sluiten was nu, achteraf gezien, misschien sneller geweest. Ook al staan we stijf vooraan hier.
De dame van de hondenkennels vangt onze blikken op. ‘Sorry….’ mimet ze, waarop ik mijn schouders een beetje ophaal. Ze komt dichterbij en herhaalt het. ‘Sorry….. Ik wist ook niet dat dit zo lang zou gaan duren…’
’Ach, nou ja,’ vergoelijkt Paul, en vraagt dan: ‘Je neemt zwerfhonden mee naar Nederland?’
Ze knikt. ‘Ja, alles is geregeld en betaald, maar we hebben een kennel minder dan we eerst hadden opgegeven. En dat zorgt nu voor vertraging. Nu klopt het niet meer, of zo….’
Minder? Ik frons. Ik hou erg van Griekenland en ik weet dat veel anders gaat dan in Nederland. Soms juich ik dat toe en meestal is het helemaal niet erg, maar af en toe snap ik het niet. Een kenneltje mínder geeft problemen? Eentje méér, okee, dan hebben ze me. Maar minder? Wat maakt het uit? Terwijl de discussies aan de balie doorgaan, vertelt de vrouw verder.
’Wij begeleiden honden naar Schiphol en daar worden ze opgehaald door de nieuwe eigenaars. Eerlijk gezegd,’ ze buigt zich iets naar ons toe, ‘ik ben er helemaal niet zo’n voorstander van. Ik bedoel, er zijn honden zat in Nederland, toch? In het asiel en zo? Ik zo zeggen, haal er daar eentje uit, als je een hond wilt.’
Even weet ik niets te zeggen. Waarom zou je zwerfhonden niet helpen? Paul zet zijn neutrale gezicht op.
’Maar ja,’ gaat de dame door, ‘we hebben zo wél elke keer een leuk weekend op kosten van de organisatie, haha! Dat is mooi meegenomen….’
Mijn aandacht dwaalt af voordat dit opportunisme me echt kan gaan irriteren, want bij de balies vindt een wondertje plaats. De medewerkster van de rij naast ons wenkt ons. ‘Komt u maar! U mag even eerst, hier inchecken! U staat al zo lang te wachten….’
Ik trek Paul mee en sta al bij haar voordat ze is uitgesproken en voordat er iets gebeurt waardoor ze van gedachten verandert. Het zorgt voor een beetje gemor in de nu gedupeerde middelste rij, maar daar trek ik me niets van aan.

De dames met de kennels wachten nog steeds als wij door de douane gaan. Ik hoop dat de Griekse zwerfhonden meer betrokkenheid en liefde krijgen van hun nieuwe Nederlandse baasjes dan van deze begeleidster. Maar ach, ze zal een leuk weekend gehad hebben.

(Visited 28 times)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *