Saturnus 

Ik draai de buis, ik tuur, maar alles wat ik zie is zwarte ruimte. Toch staat hij daar aan de hemel. Saturnus. Een lichte wanhoop bekruipt me, waarom verschijnt hij dan niet in mijn vizier?
Pfff. Het is echt niet zo gemakkelijk.

De doos is enorm, hij is netjes afgeleverd bij de koerier in Argos. Mijn verjaardagscadeau! Mijn hele leven ben ik al geïmponeerd en geïnteresseerd in de kosmos, in de planeten en sterren, nog nooit had ik een telescoop. Nu wel! Het pakket past net in de achterbak en thuis aangekomen kan ik niet wachten om het karton eraf te rukken en de langgekoesterde wens zorgvuldig uit te pakken. Dan slaat een lichte paniek toe.

Een telescoop is echt niet alleen een buis op een statief. Goed, met als verbindingsstuk ook nog een flexibel draaiend gewricht ertussen. Nee hoor. Wat ik allemaal in de doos aantref! Allemaal kleine doosjes, met objectieven, lensjes, stangetjes, een filter, een mini-kijkertje en een groot, indrukwekkend apparaat met draaischijven. En een loodzware dikke ring.
Voorzichtig kijk ik verder en gelukkig, daar is ook de echte buis. Wat is hij groot! Als laatste vis ik nog een statief van jewelste naar boven. Ik bestudeer mijn verzameling. Dit zal op de een of andere manier één geheel moeten worden. Een telescoop op een statief. 
‘Nou,’ zegt Paul vrolijk, ‘Succes!’

Het bijbehorende instructieboekje faalt. Hoe ingewikkeld kan men iets opschrijven? Ik besluit om alleen de begrijpelijke stappen te volgen die me logisch lijken. Trots bekijk ik twee uur later wat ik heb, volgens mij is het me gelukt! De rest – oh, dat komt nog wel. De zoeker, alles stabiel uitlijnen – nu niet. Ik wil wat zíen.

Buiten adem sleep ik mijn kostbare apparaat mee naar boven, het terras op. Daar, in het oosten, staat Saturnus. Die wil ik dichterbij halen. Gaaf!
Ik richt mijn telescoop op de planeet, draai de buis, ik tuur, maar alles wat ik zie is zwarte ruimte. Toch staat hij daar hoor, Saturnus. Een lichte wanhoop bekruipt me, want waarom verschijnt hij dan niet in mijn vizier? 

Paul probeert me iets te temperen. ‘Installeer alles nou eerst bij daglicht. Volg een instructiefilmpje. Reguleer alles eerst rustig, voordat ….’
Zuchtend berust ik. Berouwvol denk ik aan de zoeker, die nog niet uitgelijnd is, ik kan de zwenkknoppen nog niet vinden, ik heb geen idee waar die hendeltjes voor zijn. Ik ging gewoon gelijk voor de hoofdprijs, namelijk Saturnus van dichtbij bekijken. Gewoon, kijken door de grote buis op het statief.
Maar zo gemakkelijk is het niet. 

‘Doe het rustig, op je gemak. Het kan misschien wel een halfjaar duren voordat…’
Wat?
Ik ga aan het werk. Ik tob met de afstelschroefjes, met het uitlijnen van de zoeker. Met het mikken op het firmament, waarna gelijk blijkt dat de zoeker nog steeds niet perfect afgesteld is.  Over een dag of tien komt de maansikkel weer in zicht, die veel makkelijker te vinden is aan het firmament. Dan moet het toch gaan lukken. In de tussentijd zal ik het allemaal uitvinden. 

Het is echt allemaal niet zo gemakkelijk.

(Visited 3 times)

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *