
Het verhaal achter de foto.
Een kleine serie foto’s uit mijn jeugd, waarvan ik me nog precies herinner dat ze genomen zijn. Voor mij waren het bepalende momenten die ik nooit vergeten ben. Met dit verhaal erbij gaan de foto’s spreken.
Ζe bleef maar ratelen, die Babette, in rap Duits, zelfs Beiers, waar ik op mijn negende nog vrijwel niks van kon verstaan.
We waren een dagje in Wildeppenried, een klein dorp in Beieren, tijdens de jaarlijkse wandelvakantie in Zuid-Duitsland. Daar woonde Babette, de Duitse vriendin van ma. Maar haar klep stond niet stil.
Wij ontsnapten de tuin in, mijn zusje en ik. Een grote Duitse tuin, bij een oud huisje in een klein dorp. Een goed, onderhouden tuin, Duitse degelijkheid, met kruiden en groenten. Maar ik spotte al snel het konijnenhok. Daar vloog ik op af, zusje in mijn kielzog. Zes hokjes tegen de wand van een oude, houten schuur, in elk hok een groot konijn.
‘Möchtest Du eins halten?’
Plotseling stonden ze achter ons, Babette, ma en pap. Geen idee wat Babette vroeg, maar ma was de tolk.
‘Wil je er eentje vasthouden?’
Ja! Gretig stak ik alvast mijn handen uit, voordat het misschien niet meer mocht. ‘Wil ik wel!’ Het kwam schuchter mijn mond uit, terwijl tegelijkertijd een knoopje vrees zich in mijn maag nestelde. Stel dat het konijn me zou bijten? Of, nog erger, dat het zou vallen?
Uit het geopende hok tilde ik voorzichtig het konijn, als een standbeeld bleef ik mee staan. Net lang genoeg voor de foto die pap snel maakte.
‘Zet maar weer terug,’ fluisterde ik nerveus, volgens mij vond het arme dier het allemaal maar niks.
Het konijn werd me afgenomen waarna het weer in zijn hok belandde; wie het meest opgelucht was kan ik niet zeggen – hij, of ik?
Een onverwacht déjà-vue, later – veel later. Mijn oudste kreeg als peuter in de kinderboerderij een konijntje op schoot geduwd. ‘Hoeft niet…’ fluisterde hij, helemaal verstijfd in zijn pogingen om het diertje niet aan te hoeven raken. ‘Hoeft. Niet. Hoor…’
