Vlaamse voortent

Mannen weten het als ze in bepaalde situaties op bepaalde toon die vraag van hun echtgenote krijgen.‘Eh…. Mag ik je iets vragen?’ Wanneer die situatie er eentje  is waarin je uitgeput een voortent voor de caravan aan het zetten bent?

Dan verlies je als man op slag alle moed.

Zelfs op afstand is onze Vlaamse buurman nu voelbaar op zijn hoede. Het madammeke klinkt suikerzoet:  ‘Eh… Mag ik je iets vragen?’ We horen zijn zucht. Uiteraard verwacht zij geen antwoord. ‘Nou ,’spint zij, ’Dit moet volgens mij aan de andere kant . Toch?’ De laatste toevoeging klinkt als een tegemoetkoming. Maar kijk uit. ‘Nee! Dat niet! Dat is de binnenkant!’ Zij, lang en tanig, staat een stuk frame de voortent op zijn plaats te houden. ‘Ja nou, maar….’ probeert hij zichzelf te verdedigen, maar het komt te weifelend over. ‘Nee, een beetje naar je toetrekken nu!’ gaat zij er resoluut overheen. ‘Nee! Eerst de schuif! Pas nou op!’

‘Maar dat…’  Manmoedig houdt hij vol, terwijl hij om erger te voorkomen toch maar eerst de schuif doet. Wij vangen zijn vertwijfelde blik op. Paul zit stoïcijns te lezen, maar ik zie een stuk van zijn buik schudden.  ‘Het is ook overal hetzelfde, ‘ zegt hij genietend,  ‘En weet je wat nou het ergste is? Die vrouwen hebben altijd gelijk……. ‘

‘Ah,’ er klinkt zowaar wat tevredenheid in madammekes ‘ stem door, ‘ik heb de schuif!’ Zijn opluchting wordt direct in de kiem gesmoord door haar vervolg. ‘O.’ Het  venijnige eenletterige woordje.‘O.’ Nog eens. ‘Dit is de binnenkant. Moet hij niet omgedraaid worden?’Hij staat ergens onder het tentdoek en zijn antwoord klinkt gesmoord. ‘Ja!’roept ze dan. ‘Kijk, dit is de punt!’ Triomfantelijk ritselt ze met een flap. Een moeizaam kwartier later lijkt de tent aan de caravan vast te zitten. ‘Maar moet je nu loslaten hè!’ De intonatie van het Vlaams is zo gemoedelijk, maar dat is schijn, merken we.  ‘Nu alle drie de stokken effekes,’ beslist ze. Hij sputtert tegen, van ver onder de tent. ‘Nee Gerard, daarom zeg ik….. Jij gaat alle drie de stokken op kleur bij elkaar zoeken!’Gerard rammelt met metalenbuizen, tijdens haar onophoudelijke instructies.

‘Kijk, dat is de voordeur. Ja, en nou?’

’Wat moet die dan, Gerard?’

‘Ah. O. Nee, snap je dan niet wat ik bedoel?? Hieronder!’

‘Is dit de goede dan?’Hij waagt het erop. ‘Moet die daar doorheen?’

‘Nee….,’ zucht zij, nog steeds een half dak boven haar hoofd in balans houdend, ‘Leg effe plat neer. De blauwe moet je hebben. Niet de gele. Ik hou het wel effe vast. Anders valt-ie nog om ook hè?’

Dat is bedoeld als geruststelling, maar het is onduidelijk  of het ook zo bij hem overkomt. ‘Ja, zulke lange armen heb ik niet!’ roept ze dan, ‘Dat gaat niet! Help eens effe. Hou eens vast!  Ik hou dit tegen, kijk, kun jij  dan effe….’

Hij klinkt nu ineens wat zekerder. ‘Okee, laat maar los, nu lukt het wel….’  Maar nee. ‘Nee! Die andere paal! Doe eens omhoog Gerard!’

Nu slaat de wanhoop bij Gerard toe, begrijpelijk. ‘Even vastdraaien eerst…..’

‘Er is iets dat niet klopt,’ meldt zij dan enigszins voorzichtig. Slaat bij haar nu ook de twijfel toe? ‘Eh, Gerard? We hebben toch wel alles meegenomen? Alle stokken en zo?’ Het wordt Gerard zo langzamerhand teveel. Hij begint nu uit pure wanhoop in onverstaanbaar Vlaams dialect te praten, maar zij onderbreekt hem direct. ‘Het klinkt heel  hard hoor, wat ik nu ga zeggen. Maar je bent ook zó onhandig!’

Zwijgend kruipt hij onder de tent vandaan om iets uit de disselkast te halen. ‘Weet je wat het is,’verzucht hij in het voorbijgaan,’Je zet zo’n ding maar één keer per jaar op…..’

Hij wandelt weg om even later met nog drie Belgen terug te komen. Nu zijn er vijf die het beste weten hoe het moet. ‘Voor het donker vanavond staat-ie wel,’ meent Paul. We gaan er even lekker voor zitten. Pure entertainment op de camping!

Los! Nee! Ja! Ho! Kijk effe goed! Niet zo! Jawel! Strakker! Is-ie los? Zo? Nee, zo! Ja hebbes! Eerst deze? Eh, nee, de gele. O, groen, volgens mij. Stop! Nee nog wat! Waar moet dat elastiek? Oh eh….., tot het dwarspieleke daaronder…. Jaja, tik nou maar door!

‘Gedoe allemaal hè,’ zucht Gerard, ondanks alles vrolijk, weer onder het doek vandaan komend. Het geluid van een werkende rits heeft hem positiever gestemd.

Oh, ik dacht….  Neeneenee!  Ja, nou gaat-ie…..

Paul grijnst als de voortent net voor de avond staat en onze zuiderburen aan een Vlaams pinteke zitten uit te puffen.  ‘Echt doorgewinterde kampeerders  zijn ze niet,’ zegt hij, ‘want dan hadden ze het ding wel waterpas gezet. Kijk, hij staat scheef……’

(Visited 21 times)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *