Paspoort

Paspoort

‘Heb jij je paspoort?’
Ik vraag het altijd, voor elke reis. Voor de zekerheid. En ik ken het antwoord, altijd vergezeld door een klopje op de rugzak. ‘Natuurlijk. Heb ik!’
Wij zijn net ingestapt in de tot de nok volgepakte auto, waar geen snoertje of teenslipper meer bijpast. Onze reis naar Velanidia gaat beginnen.

‘Heb jij je paspoort?’
Het is dus meer een gewoontevraag. Maar tot mijn schrik verloopt het anders deze keer.
‘Paspoort?’ Pauls wenkbrauwen vliegen omhoog. ‘Eh…’ Een enigszins wezenloze blik. ‘Geen idee. Wanneer heb ik dat paspoort voor het laatst gezien?’
Ik grijns. Er hoeft nog niets aan de hand te zijn. ‘Dan ligt het nog boven. Ga maar halen.’ Blij dat ik het nu vraag en niet overmorgen bij de boot in Ancona.
Even later komt Paul terug. Mijn ogen sperren open als ik zijn lege handen ontwaar. ‘Het ligt er niet! Waar kan dat ding nou zijn?’ 

Dit is het moment dat de paniek toeslaat. We staan op het punt om voor vier maanden naar Griekenland te vertrekken. Alles is geregeld. De boot geboekt, het huurcontract getekend. Spullen met de verhuizer meegegeven.
We zitten in de auto en Paul wil hem starten.
‘Heb jij je paspoort?’ Er zijn handiger momenten om je paspoort kwijt te zijn.

Samen zetten we de bijna lege werkkamer op z’n kop. ‘Het moet toch érgens zijn?’ 
We graven laatjes uit, keren kasten en tassen om en ik zoek zeven keer tussen mijn eigen papieren. Geen paspoort. Natuurlijk niet.

‘Het lag toch altijd in het bovenste laatje?’ vraag ik voorzichtig. ‘Van dat kastje dat meeging naar Griekenland? Onder het pennenbakje?’
Het zal toch niet?

‘Nee, kan ik me niet voorstellen,’ mompelt Paul. ‘Ik heb dat kastje helemaal uitgeplozen en gesorteerd….’
Maar het moet toch érgens zijn?

Met een diepe zucht start Paul zijn computer op. ‘Ik ga opzoeken of ik subiet een noodpaspoort kan aanvragen.’
Intussen draaien alle radertjes in mijn hoofd. Hoe moet het met de boot? Wanneer zouden we dan kunnen vertrekken? Moet ik cancelen, een weekje verzetten?

‘Schiphol!’ hoor ik dan. Paul is aan het bellen. ‘Okee! Ik kom eraan! Dat kan direct?’
Met een ruk kijk ik op terwijl hij het gesprek beëindigt.
‘Naar Schiphol! Daar geven ze noodpaspoorten uit. Op vertoon van de boottickets en mijn rijbewijs. Kom op, we gaan!’
Echt? Niet alles hoeft dus in de soep te lopen? Op z’n hoogst een paar uur vertraging? We hebben de hele dag, dus wat maakt het uit.

Tevreden rijden we twee uur later weer weg bij de luchthaven, het roze noodpaspoort veilig achter een rits in de tas.
We mijmeren nog even over het paspoort. Een visualisatie.
Dat kastje, in de verhuiswagen op weg naar Griekenland. Bovenste laatje, onder het pennenbakje…

(Visited 121 times)

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *