Soort

‘Oh, en ik heb een soort vriendin.’ 
Hij mompelt dit heel terloops, nadat we al een uurtje over ditjes en datjes gekeuveld hebben. Zonder een spier te vertrekken. Tussen neus en lippen door, min of meer.
‘Oh, en ik heb een soort vriendin.’
‘Hè?’ Mijn mond zakt open. Verstond ik het nou goed?
Bijna staat hij al op om weer naar huis te gaan, maar dat laat ik niet gebeuren, natuurlijk. Hier wil ik meer over weten.

‘Een vriendin?’ Ik vraag het voorzichtig. 
Hij had me niet meer kunnen verrassen. Zo vanzelfsprekend is dat ook weer niet. E is net zo kritisch als ikzelf.
‘Ja.’ Olijk kijkt hij me nu aan. 
‘Ja, je vroeg toch of er nog iets leuk gebeurd was? Nou, dat ook dus… Dat vertel ik dus nu.’ Twinkelende ogen boven een brede grijns. 
‘Nou, het is nog niet officieel hoor,’ gaat hij verder. ‘Ik heb het nog niet aan haar gevraagd.’
Gevraagd? Mijn ogen rollen mijn hoofd uit.
‘We hebben nog niet officieel verkering of zo, daar hebben we het nog niet over gehad.’ Hij grinnikt, en werpt me een schalkse blik toe. ‘Ik heb haar ouders nog niet ontmoet hoor.
Ik blijf nog haken op wat hij zei. Vragen. ‘Maar wil je dat eerst vrágen dan? Aan haar?’
Wat wil hij dan precies vragen?
Hij legt het graag uit. ‘Ja, ik vind dat je dat toch een keer echt moet uitspreken naar elkaar, dat je verkering met elkaar hebt. Echt uitspreken. Dan is het uniek. Exclusief, zeg maar.
Ik sta paf. Nieuwsgierig bekijk ik E als nieuw, volwassen persoon. 
‘Het is ook pas twee maanden nu. Sinds de kerstborrel op werk! Nou drie maanden eigenlijk dus.’
Drie maanden, nou, zo kort is dat nou ook weer niet. En kennelijk is het ook wel ernstig genoeg om ons al in vertrouwen te nemen. Hij raakt nu goed op stoom en wordt gul met informatie. ‘Ze is nu met vakantie! Nog twee weken…’ 
‘O! Had je niet met haar meegewild? Op vakantie?’
Dat wijst hij onmiddellijk van de hand. Hoe kom ik op zo’n gek idee? ‘Nee joh. Gelijk al samen op vakantie? Dat lijkt me niet echt handig…’ 

Stiekem bewonder ik dat in hem. Ze claimen elkaar dus niet onmiddellijk, daar spreekt ook een soort vertrouwen uit in elkaar. Nou is E het type er niet naar om helemaal met iemand te versmelten. En zijn meisje dus ook niet. Inwendig glimlachend denk ik  even terug aan zijn eerste vriendinnetje, een jaar of tien geleden. Die vrat hem zowat op, ze klampte zich zo vreselijk aan hem vast dat hij gillend wegliep.

‘Ik vind het het hartstikke leuk voor je!’ zeg ik uit de grond van mijn hart.
‘Ja!’ Hij straalt erbij. Binnensmonds maar blij voegt hij er onhandig nog iets aan toe. ‘Thanks…’

(Visited 17 times)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *