Rekening

We hebben een Griekse bankrekening. Joehoe! Het kostte ons een hele ochtend zitten op een stoel bij het bureau van een klantvriendelijke en servicegerichte bankmedewerker; we hebben ongeveer vijftig handtekeningen achtergelaten op evenzoveel blaadjes, en nog zo’n dertig op een digitaal schermpje. Per persoon.

’s Lands wijs…

‘Heeft u al betaald?’ is het eerste wat de KEP-man vraagt. Paul heeft net aangegeven dat hij zijn rijbewijs in januari moet verlengen. En dat niet alleen, er moeten ook medische verklaringen en zo omdat hij 75 wordt.
Nee, we hebben nog niks betaald.

Nieuwtje

De eerste mijlpalen hebben ze allang achter de rug natuurlijk, allebei mijn jongens; en ik dus ook. School, studie, baan. En ze wonen op zichzelf. Ze zijn het huis uit, al negen jaar. Maar nu kondigt Oudste het plechtig aan. ‘Ik heb een nieuwtje.’
Meteen zit ik rechtop, want dit is niet zomaar iets.

Wonderlijk

Het is heerlijk op het terras van Katsiris in Kiveri. We zitten onder de hoge bomen en wenken de bedaagde, niet meer heel jonge kelner. ‘Ready?’ vraagt hij, ‘om te bestellen?’ Op dit moment trekken kelners meestal hun bestelblokje uit de achterzak.
Zeker. Paul steekt van wal en noemt op wat wij willen eten. Maar waar is het schrijfblokje?

Ga nou weg

Ik loop ergens, of we zitten in de auto, maakt niet uit, het is elke keer raak. Altijd. Overal. Ik zie iets, er valt me iets op, langs de weg, op de berg, in boomgaarden, in het dorp; menselijke aanwezigheid, waar dan ook, wat dan ook, maakt niet uit.
Altijd direct dat stemmetje.